Over Belgische Hop

Vanouds werd hop verbouwd daar waar er brouwerijen waren. Het ontbreken van een infrastructuur om grondstoffen van over grotere afstand bij de brouwerij te krijgen, leidde ertoe dat brouwerijen samenwerkten met boeren om hop en gerst te telen. Sommige microbrouwerijen doen dat tegenwoordig weer. In 2005 werd naar schatting zoŽn 80.000 ton hop geoogst, van 55.000 hectare land, verspreid over de hele wereld. In Vlaanderen werd vroeger hop verbouwd in de streek rond Aalst en Asse waar nu maar twee hopboeren meer hopvelden hebben, en wordt het nog steeds verbouwd in de Westhoek rond Poperinge (waar van hommel wordt gesproken). Hop is één van de snelst groeiende planten in het plantenrijk. Hij haalt gemiddeld een groeisnelheid van 10 cm per dag. In een laagbouwcultuur laat men de planten groeien tot zoŽn drie meter. Op een hoogbouwplantage is circa 8 meter mogelijk. Een plant kan zoŽn honderd jaar oud worden. Omdat de zaden van bevruchte bloemen veel vetten bevatten zijn bevruchte bloemen ongewenst in verschillende landen zoals België, Duitsland en de Verenigde Staten. Daarom worden in teeltgebieden in die landen tot op vele kilometers van de hopvelden alle mannelijke planten zo snel mogelijk verwijderd en zelfs wettelijk niet toegestaan. Door de energierijke inhoud zijn zaden een geliefd voedsel voor vogels, die daarmee tegelijk voor de verspreiding ervan zorgen. Doordat er zo steeds nieuwe planten worden aangevoerd, is het verwijderen van alle mannelijk planten in de praktijk onuitvoerbaar, en is er ook altijd een klein percentage bloemen met zaden. In het Verenigd Koninkrijk worden mannelijke planten niet verwijderd omdat de hopboeren daar juist graag hun vrouwelijke planten bevrucht zien. Dat het vet schuimnegatief is deert hen niet, daar zij immers geen schuim op hun bier verlangen. De hopplant heeft minimaal 14 uur per dag licht nodig en groeit daarom optimaal op breedtes hoger dan 32°. In Zuid-Afrika heeft men getracht hop te telen, wat pas succesvol werd toen men in de hoptuinen met kunstlicht ging werken. Rond 1985 is het Wye College uit Kent te hulp geschoten met het kweken van hopvariëteiten die konden groeien met 10 uur licht.

Uit Bierbrief 311 van Wacho