Karamel schadelijk voor de gezondheid?

Is karamel schadelijk voor onze gezondheid? Karamel heeft het
allemaal! Amberkleurig, heerlijk geurend, onweerstaanbaar lekker …
Alleen al de gedachte eraan doet het water bij groot en klein in de
mond lopen. Het gebruik ervan in de voedingsindustrie doet dat
helemaal niet. Karamel is de meest verspreide en gebruikte kleurstof
ter wereld, omdat het aan voedingsmiddelen een mooie kleur en de
geroosterde smaak geeft waar consumenten zo tuk op zijn. We vinden
karamel terug in frisdranken op basis van cola, al dan niet
caloriearm, alsook in voedingsmiddelen zoals bier, saus, azijn,
ijsjes, gedroogd fruit, enz. Echte karamel wordt gemaakt van suiker
gesmolten in water, maar in de voedingsindustrie wordt het basisrecept
vaak gewijzigd door de toevoeging van ammoniak, sulfieten of beide
chemische stoffen.

De kleurstof karamel behelst vier verschillende
groepen van kleurstoffen in onze voeding: E150a, E150b, E150c en
150d*. Door de toevoeging van chemische stoffen aan deze karamel
verkrijg je een warme kleur en een overheerlijke geur en smaak, maar
bij het opwarmen ontstaan nieuwe ‘neomorfe’ stoffen die schadelijk
kunnen zijn voor de gezondheid. Het Wetenschappelijk Instituut
Volksgezondheid (WIV-ISP) besliste daarom vier neomorfe producten met
een toxisch vermogen te onderzoeken. Het gaat meer bepaald om: • THI
(2-acetyl-4-(1,2,3,4-tetrahydroxybutyl)imidazole) • 5-HMF
(hydroxymethylfurfural) • 2-MEI (2- methylimidazole) • 4-MEI
(4-methylimidazole) Deze vier neomorfe stoffen die we in karamel
aantreffen, behoren tot dezelfde categorie van chemische producten,
maar vertonen een heel ander toxicologisch profiel. THI is een
immunosuppressivum, met andere woorden een stof die de immunitaire
reacties van het organisme belet te werken zoals het hoort. 2-MEI en
4-MEI zijn chemische producten die door het Internationaal Instituut
voor Kankeronderzoek (IARC) geklasseerd worden in de groep 2B,
namelijk de “mogelijks kankerverwekkende stoffen voor de mens”. 5-HMF
is een stof met een hoog toxicologisch vermogen.

De adviezen van de
Europese Autoriteit voor Voedselveiligheid (EFSA) stellen alleen dat
het raadzaam is ´de concentraties van neomorfe stoffen zo laag
mogelijk te houden´. De bevoegde Autoriteiten nemen een eerder
voorzichtige positie in, omdat zijn over te weinig gegevens
beschikken, betreffende de werkelijke concentraties van deze neomorfe
stoffen in het uiteindelijke voedingsmiddel. De concentraties van deze
stoffen worden uitsluitend gecontroleerd bij de productie van karamel
en niet meer wanneer de karamel in voedingsmiddelen is verwerkt. De
Europese regelgeving is evenwel voorzichtig, aangezien zij voor de
vier soorten karamel een aanvaardbare dagelijkse inname (ADI) van
neomorfe producten heeft vastgelegd die 100 keer lager ligt dan de
maximumdosis die men zonder toxisch effect kan innemen. Toch blijft de
vraag over de gevolgen voor de gezondheid bij overschrijding van de
drempels hangende, omdat de concentraties in de voedingsmiddelen niet
worden gecontroleerd en de voedingsgewoonten van de bevolking verre
van homogeen zijn. Het WIV-ISP heeft een wetenschappelijk betrouwbare
methode ontwikkeld om de concentraties van de vier neomorfe stoffen in
een voedingsmiddel en dus niet meer in de karamel zelf te bepalen.


Hiertoe hebben onze vorsers gebruik gemaakt van een techniek die
‘tandemmassaspectrometrie’ wordt genoemd. Zij onderzochten een
reeks van 28 algemene consumptieproducten** die zij in de lokale
supermarkten kochten en voor elk consumptieproduct bepaalden zij de
concentratie van de vier neomorfe stoffen. De bevoegde
gezondheidsautoriteiten hebben een cruciaal tekort aan informatie over
de concentratie van de neomorfe stoffen in voedingsmiddelen, maar
vandaag biedt onze methode hen de mogelijkheid om heel precieze
informatie in te winnen. Voortaan kunnen zij op een objectieve en
geavanceerde manier de reële risico’s voor de bevolking evalueren in
functie van de daadwerkelijke voedingsgewoonten van de individuen en
dus niet langer op basis van theoretische ruwe schattingen.


Onze
analysemethode heeft tot doel de gezondheidsautoriteiten een objectief
meetinstrument aan te reiken dat hen desgewenst in de gelegenheid
stelt om weloverwogen beslissingen te nemen wat betreft het verbod of
de beperking van concentraties van neomorfe stoffen in
voedingsmiddelen. De voedingsgewoonten van vandaag kennende, is het
meer dan waarschijnlijk dat de blootstelling aan neomorfe producten
een probleem vormt voor bepaalde categorieën van de bevolking, zoals
kinderen omdat zij veel verwerkte producten consumeren.

Met behulp
van zijn onderzoek wil het WIV-ISP het brede publiek dan ook bewust
maken van de problematiek van neomorfe stoffen en aansporen om zijn
voedingsgewoonten bij te sturen, door er rekening mee te houden dat de
vermelding ‘kleurstof karamel’ op de lijst van ingrediënten op de
verpakking van onze voedingsmiddelen misleidend is. Daarenboven moeten
de karamelproducenten beperkende maatregelen nemen, om de hoeveelheden
van deze neoforme stoffen in de karamel te verminderen, voordat hij
wordt gebruikt in de voedingsindustrie. Vandaar het belang van het
vaststellen van normen voor de concentraties van neomorfe stoffen in
voedingsmiddelen en niet enkel in de productie van karamel. * De
kleurstof E150a stemt overeen met het basisrecept van gewone karamel.
E150b is een karamel met toevoeging van ammoniak, ook ammoniakkaramel
genoemd. E150c is een karamel met toevoeging van sulfieten, ook
alkali-sulfietkaramel genoemd. E150d is een karamel met toevoeging van
sulfieten en ammoniak, ook sulfiet-ammoniakkaramel genoemd.

Contactpersonen: Ir Joris Van Loco (NL), Operationeel directeur
Voeding, geneesmiddelen en consumentenveiligheid Wetenschappelijk
Instituut Volksgezondheid (WIV-ISP) info@wiv-isp.be - 02/642.54.20
- 0476/98.65.99

Uit de Bierbrief van WACHO nummer 307