De eerste Belgische bierbrouwster

Kranige ‘Liefmans Goudenband’ brouwster werd 90 jaar.
Rose Blanquaert-Merckx, de eerste vrouwelijke Belgische bierbrouwster, nog altijd het paradepaardje van Brouwerij Liefmans Oudenaarde. Met haar een praatje slaan kan nog steeds gemakkelijk. De vriendelijke bierdame komt immers nog steeds elke dag een kijkje nemen in ‘haar’ brouwerij. “Ik weet nog altijd graag of smaak niet veranderd is en als er iets aan scheelt dan zeg ik vrij en vrank mijn mening’ liet ze weten.’ “De gave van goede smaak- en reukorganen zijn mijn belangrijkste troef” vervolgde ze haar babbel. Roza Merckx, die nog steeds in het aanpalende huis verblijft, zag het in 1946 met de balletdans plots niet meer zitten en solliciteerde bij de toenmalige Brouwerij Odnar- Liefmans voor een plaats als directiesecretaresse. Bierheer Paul Van Gheluwe-de- Berlaere, een Frantalige edelman zocht immers dringend een meertalige om de steeds groter wordende aantal klanten te woord te staan. Roza, die zowaar drietalig was en naast haar Nederlands de Franse en Engelse taal perfect beheerste werd aangenomen. “Mijn eerste ervaring met het pas uitgevonden Liefmans IJzerenband, een verwijzing naar de ijzeren ringen rond de biertonnen vond ik het verschrikkelijk zuur maar den baas respecteerde mijn mening en toen, met ook de naamverandering in ‘Liefmans Goudenband’ werd het minder zuur, heel volmondig en zoet/zuur. Mijn bier werd geboren en ik beschouw het nog altijd als een stukje van mezelf.” Omdat de zakenman Paul Van Gheluwe-de-Berlaere veel in het buitenland vertoefde kreeg ik een korte brouwopleiding zodat ik steeds met kennis van zaken kon controleren.” Zo werd madam Rosa de zakelijke maar ook de eerste vrouwelijke brouwster in ons land. Nu zijn er al meerdere die dit fijn beroep uitoefenen maar toen was bierbrouwen en alles wat er ronddraaide een mannenbastion. Toen baas Paul in 1972 overleed was er wel sprake van enige paniek. De kinderen, die het brouwersvak niet mochten aanleren moeste uitkijken om het bedrijf aan de Krekelput te verkopen. Maar intussen moest het bedrijf wel verder. Ze keken allen in de richting van madam Roza, die al een aantal jaren als een moederkloek over de brouwerij waakte. “Als een zeer zakelijke vrouw die de brouwkunst goed beheerste nam ze onmiddellijk haar verantwoordelijkheid en zorgde er voor dat de vijftig werknemers hun werk konden houden en met hetzelfde plezier hun uitstekende bieren verder brouwen. Madam Roza deed het uitstekend en was zelfs een der eersten die met haar biergamma naar bet buitenland exporteerde. Na bijna drie jaren succesrijk werken kwam de brouwerij in handen van de Britse aristocratische familie Nicholson. “Het werd de tijd van mijn leven om met regelmaat en met een klein sportvliegtuigje naar de vergaderingen met de Engelse overnemer, de Engelse Brouwerijgroep Vaux uit Sunderland.” Roza kreeg hulp van alle werklieden en brouwkunstenaars en loodste Brouwerij Liefmans doorheen de moeilijke periode die alle biermiddens trof. In 1985 werd de brouwerij dan toch verkocht aan bankier Bauchau, eigenaar van de Belgische-Zaïrese bank Belgoaise, mede-eigenaar werd de Brewery De Wolf uit Norfolk. Deze vonden dat ze te weinig controle hadden over de brouwerij en lieten ze in 1990 overnemen door de Belgische Riva Brouwerij uit Dentergem. Daar bood dochter Yannick Desplenter enige hulp aan papa om de productie van amper 5.000 hecto’s per jaar wat op te krikken. Ze besloten vanuit de Dentergemse kader om de installatie niet meer te gebruiken. Riva veranderde de traditionele zurige smaak van het kriekenbier in een meer (commerciële) zoetige smaak en de vraag werd almaar groter. Hierdoor werd de productie opgevoerd naar 15.000 hl per jaar, maar niet meer in de brouwerij in Oudenaarde...... en toch word er nog steeds bier gemaakt.
De wort werd namelijk aangevoerd vanuit Riva in Dentergem om bij de Liefmans-brouwerij in de rechthoekige, open gistkuipen vergist te worden. Dit om de typische Liefmans-smaak te behouden, want melkzuurbacteriën uit de lucht dringen zo in het jonge bier om de typische smaak aan deze Vlaamse bruine te geven. Het is niet een volledig wilde gisting, want er wordt tevens bovengist toegevoegd, die men uit een eerdere vergisting heeft verkregen. Na de vergisting wordt het jonge bier gelagerd, eventueel met krieken. Daarna wordt het jong bier weer naar de Riva brouwerij overgebracht om daar gebotteld te worden. Voor het de Liefmans-brouwerij verlaat, wordt het bier nog gepasteuriseerd omdat men bang is dat de andere Riva bieren besmet zouden kunnen raken. De begeleiding van dit gehele vergistingsproces hoeft nog maar door 1 persoon gedaan te worden.
Het overgebleven deel van de brouwerij werd verbouwd tot een ontvangstruimte met een bezoekerscentrum en een horecagedeelte. “Het bier dat Riva commercialiseerde was volgens mijn mening verschrikkelijk. “Het bier trok op niks en ik ben er de volgende tien jaar niet meer geweest. Dat was voor mij de afgang van de Liefmans bieren.” Dit was waarschijnlijk de reden waarom er weinig uitstraling kwam van Riva naar het brede publiek en kwamen ze weer in moeilijkheden Toch was de redding opnieuw nabij. Bio-ingenieur Gino Van Tieghem, die in 1992 nog stage had gelopen bij Riva, zocht samen met zijn vriend en ex-schoolmaat Renaldo Delabie, een zelfstandig bedrijfsadviseur naar de geschikte oplossing voor het probleem. De samenwerking met de familie De Splenter leidde na een korte periode tot de overname van het hele bedrijf. Ondanks de jarenlange financiële moeilijkheden is het bedrijf toch blijven voortdoen en wordt nu vakkundig opgebouwd om de capaciteit tot een hoger niveau te brengen. Het noodlot sloeg opnieuw toe en in 2007 ging Riva failliet en de strijd voor overname met enkele vooraanstaande biermakerijen werd glansrijk gewonnen door de groep Duvel-Moortgat die van zijn interesse voor het merk ‘Liefmans’ geen geheim maakte. "Eén van de gelukkigste dagen uit mijn leven en een mooie afsluiter van mijn loopbaan. Nu ben ik gerustgesteld in het voortbestaan van de brouwerij." Madam Rosa Blanquaert-Merckx is en blijft het uitgangbord van de Oudenaardse brouwerij met op de wikkel haar handtekening en op de etiket prijkt nu ook haar foto ter herinnering aan een lang bierlieven en uit respect voor wat ze voor ‘Liefmans’ heeft gedaan en nog steeds doet. “Ik ga terug iedere dag een kijkje nemen en iedere dag mijn slokske bier degusteren. Bier houdt me gezond. Het kan, met al die zuiver ingrediënten die ze gebruiken niet anders. Ben nog nooit ziek geweest van bier drinken. Ben immers nooit ziek. Ik drink af en toe wat anders, maar het moet goed zijn anders zeg ik het wel. Ik moei me niet maar zeg nog steeds ongezouten mijn eigen mening. Wie dat niet aanvaard is bij mij niet aan het juiste adres. Wat ik echter te weinig drink is water, maar er zit in bier ook wel veel water en dat compenseert dat gebrek zeker grotendeels.’ Roza liet ook weten dat ‘haar Liefmans’ meegaat met de vooruitgang en nadat ze enkele tijd geleden vier opslagketels van 1.000 hl aangekocht om de opslagcapaciteit groter te maken. Binnenkort komen er nog 8 nieuwe bij die een inhoud van 1.500 hl zullen hebben en dat wereldvermaarde fruitbier (400.000 flesjes) op hun gemak vanuit Breendonk, waar de basis wordt gebrouwen, in een geïsoleerde omgeving kunnen groeien in hun gistingsproces. Een der betere Belgische bieren en er wordt goed voor gezorgd. Wij zijn terecht fier op deze waardering en danken daarom iedereen bij Duvel-Moorgat voor dit respect.
UIT BIERBRIEF 303 van WACHO